
Meedoen in het elfde dorp van Noordoostpolder
Van bewoner naar dorpsgenoot
Gemeente Noordoostpolder telt officieel tien dorpen. Maar het azc in Luttelgeest wordt ook wel het ‘elfde dorp’ genoemd, omdat het hier, net als in de andere dorpen, draait om contact en betrokkenheid. Dat dit een van de oudste azc’s van Nederland is en deze bijzondere positie heeft, is niet zonder reden. Dankzij de hechte samenwerking tussen het COA, de gemeente en lokale werkgevers, met participatie als gezamenlijk uitgangspunt, is er in de gemeente relatief veel draagvlak en ligt de nadruk sterk op meedoen.
In 141 huisjes op 24 hectare grond in de Noordoostpolder worden ruim duizend bewoners opgevangen. Naast het stimuleren van participatie op de arbeidsmarkt, is er in Luttelgeest ook veel aandacht voor onderwijs, gezondheid, sport en andere sociale activiteiten. Het succes van deze locatie hangt volgens Miranda Brands, strategisch beleidsadviseur asiel en migratie bij de gemeente, ook samen met de schaal: ‘Doordat het azc groot is, kan het veel voorzieningen op het terrein zelf organiseren, zoals een basisschool, kinderopvang, Nederlandse lessen in het azc, internationale instapklassen en een huisarts. Daardoor is het makkelijker om de zelfredzaamheid stap voor stap op te bouwen.’
Meedoen
Waar azc Luttelgeest bekend om staat is het bevorderen van participatie. Zo verwacht het COA dat er minimaal 150 en misschien wel 170 mensen van het azc aan het werk kunnen. COA-programmabegeleider Thomas Daling: ‘Nu zijn er 120 bewoners aan het werk. Werk helpt hen om zelfredzaam te worden, te integreren en actief deel te nemen aan de samenleving. Tegelijkertijd biedt het kansen voor werkgevers in de gemeente, waar in veel sectoren een tekort aan personeel is.’
De samenwerking met de gemeente Noordoostpolder speelt hierin een belangrijke rol. Met een eenmalige subsidie van €50.000 kan de zogeheten Meedoenbalie uitgebreid worden, een plek waar azc-bewoners praktische en laagdrempelige ondersteuning krijgen bij het vinden van werk en het opdoen van werkervaring. ‘De subsidie is een vervolg op de pilot ‘Asielzoekers naar werk’, waar in 2024 gemeente Noordoostpolder, WerkCorporatie en azc Luttelgeest samenwerkten om mensen die zijn gevlucht te leiden naar werk’, zegt Miranda. ‘En om werkgevers te adviseren en ondersteunen bij vragen wanneer zij een nieuwkomer in dienst willen nemen.’
Werkgevers wilden wel maar liepen vast
Eerder verliep het vinden van werk in Luttelgeest niet altijd soepel: werkgevers wilden vaak wel, maar liepen vast op praktische drempels en onduidelijkheid over procedures en contact. Thomas: ‘De bereidheid vanuit werkgevers om kansen te bieden was er vaak wél, maar het ontbrak voor werkgevers aan een vast aanspreekpunt en duidelijke informatie over procedures en zekerheid dat iemand daadwerkelijk mag werken. In azc Luttelgeest konden we de drempel verlagen door een actieve werkgeversbenadering, één loket via de Meedoenbalie en duidelijke communicatie over mogelijkheden en beperkingen.’
Beeld: © COA
Janneke Flikweert (Bredefleur) met een van de werknemers die in een azc woont
In samenwerking met onder meer leliekweker Bredefleur kreeg deze aanpak concreet vorm: het bedrijf wist waar het aan toe was, kreeg gemotiveerde kandidaten en kon rekenen op begeleiding vanuit het azc en de gemeente. Janneke Flikweert, HR-adviseur bij Bredefleur: ‘Wij zoeken naar mensen die zich langere tijd aan ons willen verbinden. Door de samenwerking met het azc weet je nu dat het goed geregeld is, voor ons als werkgever en voor de bewoners zelf.’ Inmiddels werken er vier asielzoekers en één statushouder in het team van 27 medewerkers bij Bredefleur in Luttelgeest. Janneke: ‘We zien dat deze medewerkers zich ontwikkelen, van eenvoudige uitvoerende taken naar werk met meer verantwoordelijkheid, al blijft die groei begrensd zolang iemand nog geen verblijfsvergunning heeft. Iedereen verdient een eerlijke kans, en we zien dat het werkt. Daarom gaan we hier ook zeker mee door.’
De bewoners van azc Luttelgeest werken inmiddels in allerlei functies en sectoren, van land- en tuinbouw, horeca bij Van der Valk, tot technisch werk als elektromonteur en als technisch tekenaar bij een staalbedrijf. ‘Hoewel we werk zoveel mogelijk laten aansluiten bij ervaring en diploma’s, kan iemand niet altijd makkelijk aan de slag in dezelfde functie of achtergrond als in het land van herkomst. ‘Zolang de procedure loopt, ligt de nadruk op participatie en een zinvolle daginvulling’, zegt Thomas. ‘Pas als iemand een verblijfsvergunning krijgt, komt er ruimte om te kijken naar vervolgstappen, zoals diplomawaardering of verdere ontwikkeling.’
Zichtbaarheid is ook een sleutel tot succes, volgens Thomas: ‘Ook de COA-collega’s zorgen daarvoor. Een van de redenen voor ons succes is ons diverse team, zowel qua achtergrond als qua werkervaring. Dat maakt ons zichtbaar en benaderbaar voor bewoners. Dat geldt niet alleen voor werk en participatie, maar ook voor andere activiteiten, zoals projecten voor jongeren, een naaiatelier en een LHBTI-café. Zo voelen bewoners zich gehoord en gezien; althans, dat is wat we hopen. Vanaf het eerste moment dat ik hier werkte, viel me op dat het rustig is op de locatie. Natuurlijk gebeuren er incidenteel dingen, maar over het algemeen biedt het een veilige en stabiele omgeving voor zowel bewoners als medewerkers.’
Van bewoner naar dorpsgenoot
Het belang van zichtbaarheid en betrokkenheid bleek des te meer in de gemeente toen afgelopen zomer een 26-jarige bewoner uit Eritrea om het leven kwam. Hij werkte bij Van der Valk en op weg naar zijn werk overleed hij door een aanrijding. Bij zijn begrafenis, en de eerdere rouwmomenten, waren ruim 100 collega’s, buurtbewoners en medebewoners aanwezig om afscheid te nemen. ‘Het raakte de hele gemeenschap’, aldus Thomas. ‘Het laat zien dat als je zichtbaar bent en echt contact maakt, mensen niet als asielzoekers, maar als mens worden gezien en gewaardeerd in de gemeenschap.’
Aanmelden Mens en Migratie
Wil je de Mens en Migratie voortaan in je mailbox ontvangen? Meld je dan aan bij de redactie en je krijgt een bericht als er een nieuwe editie is gepubliceerd